Op weg naar professionele medezeggenschap

Het verschil durven zien

Mijn jongste zoon was jarenlang bevriend met een eeneiige tweeling, Mark en Rogier. Precies wat u denkt, als twee druppels water.

Het grootste deel van hun vrije tijd brachten ze gedrieën in en om ons huis door waardoor zelfs ik – voltijd werkend - ze zeer regelmatig zag. Toch slaagde ik er maar niet in om Mark van Rogier en Rogier van Mark te onderscheiden.

Ik geloof niet dat ze mij dat haatdragend kwalijk hebben genomen, maar met het vorderen der jaren bespeurde ik in hun gelaatstrekken toch steeds vaker een vorm van afkeur wanneer ik de een weer eens voor de ander en de ander weer eens voor de een hield.

Mijn zoon had met hun ogenschijnlijke gelijkheid niet de minste moeite. Mark en Rogier waren voor hem twee individuen die - dat zag hij ook wel - erg veel op elkaar leken. Mijn zoon zag, wat ik niet zag: het verschil. Het verschil tussen een eeneiige tweeling. Zoals elke ouder van zo’n tweeling van meet af aan het verschil tussen beide individuen ziet.

De natuur gaat dus zover dat zij zelfs bij de splitsing van één bevruchte eicel weigert om simpelweg twee copieën voort te brengen.

De natuur zweert bij diversiteit. En niet alleen van ras tot ras en van soort tot soort, maar ook binnen een soort. Van elk individu tot elk individu.

Diversiteit is het ultieme wapen in de voortdurende strijd die sinds Darwin ‘the survival of the fittest’ heet. Wie of wat het best aan de omstandigheden is aangepast, heeft in die omstandigheden de beste overlevingskansen. Voor even, want de omstandigheden wijzigen voortdurend, wat dus voortdurend nieuwe variaties nodig maakt voor een optimale ‘fit’.

Diversiteit is ook in de economische survival het ultieme wapen.

Zelfs de primitiefste beschavingen hadden door dat het benutten van het diversiteitsprincipe, de overlevingskansen sterk vergrootte. Wie het meest vaardig was in het kloppen van vuurstenen, maakt de handbijlen, de messen en de speerpunten. Ander knuppelden mammoeten neer en weer anderen looiden de huiden. Door de natuurlijke variatie aan talenten te helpen ontwikkelen en maximaal in te zetten voor de groep, nemen de overlevingskansen van zowel de groep als het individu toe.

Het is slechts in schijn een hele stap van de primitiefste beschavingen naar management-goeroe Michael Porter. Toch gaat Porter’s concurrentie-adagium - ‘don’t try to be better, try to be different’ – slechts één stapje verder: benut het verschil niet alleen, creëer het. Ga er naar op zoek.

Het feit dat elk bedrijf, elke onderneming een unieke compositie van mensen is, is dan ook een geweldige opportunity op weg naar unieke producten, unieke processen, unieke binding van medewerkers, unieke aantrekkingskracht naar klanten, unieke overlevingskansen. Maar de voorwaarde is dan wel dat we de uniciteit van individuen willen zien. De stap die we vandaag zetten, is dan ook niet meer dan een begin.

Een begin om naast de jongeren ook de ouderen te zien, om naast de mannen ook de vrouwen, naast de autochtonen ook de allochtonen en naast de nog-niet gehandicapten ook de al-wel gehandicapten te zien. En misschien moet ik naar de kansen-werkelijkheid van vandaag zeggen: te zien staan. Maar de echte slag maken we pas wanneer we iedere mens als uniek durven te beschouwen en te ontmoeten in plaats van als een exponent van een groep. En als we dat eenmaal durven, dan houden we het mogelijk ook vol wanneer de arbeidsmarkt weer eens wat minder krap is.